De pompcurve laat zien hoeveel water een pomp verplaatst (debiet) bij een bepaalde tegendruk (opvoerhoogte). Wie een pomp alleen op het maximale debiet of de maximale opvoerhoogte kiest, zit er in de praktijk bijna altijd naast — want op die uitersten levert de pomp respectievelijk geen druk of geen water. In dit artikel lees je de curve zoals een installateur dat doet en bepaal je het werkelijke werkpunt van je pomp.
Wat staat er op een pompcurve?
Op de verticale as (Y) staat de opvoerhoogte in meters, op de horizontale as (X) het debiet in m³/uur of liter per minuut. De dalende lijn is de pompcurve: hoe hoger je moet pompen, hoe minder debiet overblijft. De twee uitersten zijn Hmax (maximale opvoerhoogte bij nul debiet) en Qmax (maximaal debiet bij nul opvoerhoogte). Geen van beide is je werkpunt — dat ligt er altijd tussenin.
Het werkpunt: waar systeem en pomp elkaar snijden
Je installatie heeft een eigen systeemcurve: de weerstand die de pomp moet overwinnen. Die bestaat uit de statische opvoerhoogte (het vaste hoogteverschil) plus het leidingverlies, dat toeneemt naarmate je meer water verpompt. Leg je de systeemcurve over de pompcurve, dan is het snijpunt het werkpunt: het debiet en de opvoerhoogte die je in de praktijk écht haalt. Niet de pomp alleen bepaalt het debiet, maar de combinatie van pomp én installatie.
Statische opvoerhoogte en leidingverlies
De statische opvoerhoogte is het verticale hoogteverschil tussen waterniveau en uitstroompunt; die verandert niet met het debiet. Het leidingverlies (wrijving in slang, leiding en fittingen) stijgt juist ongeveer kwadratisch met het debiet: verdubbel je de doorstroming, dan verviervoudigt de weerstand grofweg. Lange of dunne leidingen verschuiven je werkpunt daardoor flink naar links — dus naar minder debiet.
Veelgemaakte fouten bij het lezen van de pompcurve
- Kiezen op Qmax. Het maximale debiet haal je alleen bij nul tegendruk, nooit in een echte installatie.
- Leidingverlies vergeten. Zonder de systeemcurve mee te tekenen kies je structureel een te lichte pomp.
- Alleen naar hoogte of diepte kijken. Reken ook de gewenste druk aan het tappunt mee: 1 bar is ongeveer 10 meter opvoerhoogte.
- Twee pompen verkeerd combineren. Parallel schakelen verhoogt het debiet, in serie de opvoerhoogte — niet andersom.
Zo gebruik je de curve bij je keuze
Bepaal eerst je gewenste werkpunt (debiet én opvoerhoogte samen) en zoek dan een pomp waarvan de curve daar ruim overheen loopt. Op elke productpagina in onze shop vind je de bijbehorende specificaties; twijfel je, bekijk het assortiment dompelpompen of laat onze klantenservice het werkpunt met je doorrekenen.
Veelgestelde vragen
Wat is een pompcurve?
Een pompcurve is de grafiek die laat zien hoeveel debiet een pomp levert bij elke opvoerhoogte. De lijn daalt: hoe hoger de tegendruk, hoe minder water de pomp verplaatst.
Wat is het werkpunt van een pomp?
Het werkpunt is het snijpunt van de pompcurve en de systeemcurve van je installatie. Daar liggen het werkelijke debiet en de opvoerhoogte die je in de praktijk krijgt.
Waarom haal ik het opgegeven maximale debiet niet?
Qmax geldt alleen bij nul opvoerhoogte. Zodra er hoogte en leidingverlies bij komen, verschuift het werkpunt en daalt het debiet.